Belastingaanslag oudste kamerbewoner in strijd met Grondwet

Gemeente Heerlen had een Afvalstoffenheffing in rekening gebracht bij een man die met in totaal zes personen in een kamerverhuurpand woonde. De man vond dat hij ten onrechte was aangeslagen als een 'meer dan 2-persoonshuishouding' omdat hij naar eigen zeggen een eenpersoonshuishouding voert. In het pand bevinden zich meerdere kamers van andere eenpersoonshuishoudens die een gezamenlijke keuken en toilet delen. Volgens de man is hij geen hoofdbewoner, maar slechts een van de huurders.

Gemeentewet
De gemeente had de man aangeslagen omdat hij volgens de gemeentelijke basisadministratie de oudste bewoner is. Op zich mag de gemeente op grond van artikel 253 lid 1 van de Gemeentewet de belastingaanslag ten name van één van de huurders stellen, wanneer meerdere personen belastingplichting zijn: 

"Indien ter zake van hetzelfde voorwerp van de belasting of hetzelfde belastbare feit twee of meer personen belastingplichtig zijn, kan de belastingaanslag ten name van een van hen worden gesteld." 

Beleidsregels
Heerlen had beleidsregels opgesteld hoe zij met een dergelijk geval moest omgaan. De voorkeursvolgorde hield in dat de aanslag bij gelijke aandelen in het woongenot ten name wordt gesteld van de bewoner die de oudste in leeftijd is. De betrokken man vond dat de gemeente hiermee het verbod op leeftijdsdiscriminatie overtreedt.

Discriminatieverbod
Het discriminatieverbod, waaronder ook onderscheid op grond van leeftijd valt, volgt uit artikel 1 van de Grondwet: 

"Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, is niet toegestaan." 

Betaalcapaciteit
Gemeente Heerlen had in de beleidsregels gekozen voor de oudste bewoner, omdat de oudste persoon waarschijnlijk de grootste betaalcapaciteit zou bezitten. De gemeente verwachtte zo de afvalstoffenheffing het makkelijkst te kunnen invorderen. 

Niet gerechtvaardigd
De rechtbank vond dat de gemeente met haar beleid in strijd met de Grondwet heeft gehandeld. De redenen die de gemeente gaf voor het onderscheid, zijn volgens de rechter louter door efficiency ingegeven en vormen geen objectieve rechtvaardigingsgrond. De rechter verklaarde de gemeentelijke regelgeving op dit punt onverbindend.

Rechtbank Maastricht, 16 januari 2006, LJN: AU9894

Laat een reactie achter

Restricted HTML

  • Allowed HTML tags: <a href hreflang> <em> <strong> <cite> <blockquote cite> <code> <ul type> <ol start type> <li> <dl> <dt> <dd> <h2 id> <h3 id> <h4 id> <h5 id> <h6 id>
  • Lines and paragraphs break automatically.
  • Web page addresses and email addresses turn into links automatically.
Waarom lid worden van HelloLaw?
  • Krijg onbeperkt juridisch advies
  • Profiteer van de laagste prijzen
  • Krijg korting op advocaten
  • Bespaar geld
Word nu lid
Direct advies:
ma - do: 8.00 tot 20.00 uur
vrij: 8.00 tot 18.00 uur
za: 10.00 tot 18.00 uur