Belofte maakt schuld

De zaak
Een man en een vrouw gaan in 1980 samenwonen en hebben daarvoor een samenlevingscontract ondertekend. Ze zijn nooit getrouwd en zijn geen geregistreerd partnerschap aangegaan. Uit de relatie werden drie kinderen geboren. Tijdens de relatie heeft de vrouw voor de kinderen en het huishouden gezorgd waardoor de man een aardig vermogen heeft kunnen verwerven. Zo heeft de man een huis gekocht waar het hele gezin tijdens de relatie tussen de man en vrouw woonde. 

Eind 2001 besloten de man en de vrouw om uit elkaar te gaan. Het stel ging daarom naar een notaris om de beëindiging van het samenlevingscontract te regelen. De notaris stelde daarvoor een conceptovereenkomst op. In het bijzijn van de notaris spraken de gewezen partners af dat de man aan de vrouw een eenmalige uitkering zal doen van € 75.000, ter voldoening aan een natuurlijke verbintenis van moraal en fatsoen. Het bedrag is ongeveer de helft van de overwaarde van de woning die partijen ten tijde van het verbreken van de relatie bewoonden en die in eigendom was van de man. 

Ondanks het feit dat het tussen partijen was afgesproken, betaalde de man het bedrag niet uit aan de vrouw. De vrouw stapt daarop naar de rechter om op die manier het geld af te dwingen. 

De rechter 
De rechter stelde voorop dat de manier waarop de man en de vrouw hun samenleving vorm hadden gegeven en de vermogenssituatie van partijen bij het einde van de samenleving met zich meebracht dat er naar objectieve maatstaven sprake was van een natuurlijke verbintenis. 

Deze verbintenis was ontstaan uit een situatie waarin op de man naar maatschappelijke opvattingen bij het einde van de relatie een dringende morele verplichting rustte tot betaling van een bedrag aan de vrouw en aan de vrouw een dringende morele aanspraak op een dergelijke betaling toekwam. De vraag waar het in deze zaak om ging was of dat deze natuurlijke verbintenis ook voor de rechter afdwingbaar was.

Uit de feiten, namelijk dat partijen deze intentie hebben geuit bij de notaris en de notaris hiertoe een conceptvoorstel heeft opgemaakt, viel af te leiden dat de man dit aanbod tot het afdwingbaar maken van deze natuurlijke verbintenis ook daadwerkelijk heeft gedaan. Dat heeft tot gevolg dat deze natuurlijke verbintenis ook afdwingbaar is en dus toewijsbaar is door de rechter. De man werd in het ongelijk gesteld en moest van de rechter het afgesproken bedrag betalen aan de vrouw. 

Gerechtshof Den Bosch, 5 februari 2008, LJN: BC4958

Laat een reactie achter

Restricted HTML

  • Allowed HTML tags: <a href hreflang> <em> <strong> <cite> <blockquote cite> <code> <ul type> <ol start type> <li> <dl> <dt> <dd> <h2 id> <h3 id> <h4 id> <h5 id> <h6 id>
  • Lines and paragraphs break automatically.
  • Web page addresses and email addresses turn into links automatically.

Reacties (1)

jongstra
Mon, 04/21/2008 - 15:25

Klopt, de man moet betalen ook al heeft men geen samenlevingscontract. Ik heb met mijn toenmalige vriend een huis gekocht en 5 jaar later gingen we uit elkaar. We hadden geen samenlevingscontract, maar we betaalden altijd samen de hypotheek, wat aantoonbaar was. Hij moest mij daarom uitkopen om daar te blijven wonen. Dat was weer wel vastgelegd bij de notaris.
Schriftelijk vastleggen van zulke zaken is wel belangrijk.

Waarom lid worden van HelloLaw?
  • Krijg onbeperkt juridisch advies
  • Profiteer van de laagste prijzen
  • Krijg korting op advocaten
  • Bespaar geld
Word nu lid
Direct advies:
ma - do: 8.00 tot 20.00 uur
vrij: 8.00 tot 18.00 uur
za: 10.00 tot 18.00 uur