Dexia-contracten nietig wegens verboden advisering door tussenpersoon

In januari 2000 sloot de gedupeerde vier aandelenleasecontracten af. Bijna een jaar later, in december 2000, ondertekende hij nogmaals vier overeenkomsten. Het ging om een aantal verschillende producten, zowel aflossings- als restschuldproducten. De inleg bedroeg 37.031 euro bij een totale leasesom van meer dan 170.000 euro. In 2005 bleek de gedupeerde opgezadeld met een restschuld van 27.046 euro. 

De overeenkomsten kwamen tot stand door bemiddeling van Verzekerd Sparen Nederland (VSN), een tussenpersoon van Bank Labouchère, de bank die later door Dexia werd overgenomen.

De gedupeerde begon een rechtszaak tegen Dexia om van de restschuld af te komen en de inleg terug te eisen. 

Wet op het Consumentenkrediet niet van toepassing
Bij de beoordeling bespreekt de rechter eerst of de Wet op het Consumentenkrediet (Wck) van toepassing is. Als die wet van toepassing is op deze zaak, dan zijn de contracten nietig. Dexia had immers geen Wck-vergunning die nodig was om aandelenleaseproducten te verkopen. 

De Wck is alleen van toepassing als de kredietsom onder € 22.652,- blijft. De rechtbank in Almelo maakt – net als in andere zaken – een rare sprong waardoor de gedupeerde geen beroep kan doen op de Wck. De rechtbank telt alle leasesommen van de acht verschillende contracten bij elkaar op en komt dan tot de conclusie dat daarmee de kredietgrens van de Wck overschreden wordt. Dit is een zeer vreemde redenering. In de eerste plaats omdat het hier gaat om een aantal verschillende financiële producten. In de tweede plaats omdat de contracten niet eens op hetzelfde moment werden afgesloten. In de derde plaats omdat de rechtbank uitgaat van de totale leasesom waarin niet alleen uit het krediet bestaat, maar ook uit de rente die betaald moet worden. De Wck zegt dat alleen de hoogte van de kredietsom bepalend is. 

Als de rechtbank de contracten gewoon los van elkaar zou zien, dan zou op elk contract de Wck wel van toepassing zijn geweest. 

We hebben deze vreemde gang van zaken eerder beschreven:
http://www.jurofoon.nl/nieuws/weblog.asp?id=2886

Verboden advisering
Hoewel de gedupeerde geen beroep kan doen op de Wck, staan hem nog wel andere juridische gronden ter beschikking. Op grond van financiële wetgeving had de tussenpersoon Verzekerd Sparen Nederland (VSN) zich moeten beperken tot het aanbrengen van klanten bij Dexia. VSN had wel informatie mogen geven (bijvoorbeeld uitleggen wat een aandeel is), maar VSN had niet specifiek mogen adviseren, hetgeen in deze zaak wel was gebeurd.

Ook had VSN in het belang van de klant moeten handelen. Daarvoor was nodig dat de tussenpersoon informeerde naar de financiële positie, beleggingservaring en de doelstellingen van de klant. Dat was allemaal niet gebeurd. Bovendien had VSN zich schuldig gemaakt aan het verboden “cold-calling”, dat wil zeggen, ongevraagd mensen opbellen om hun financiële producten aan te bieden.

De gedupeerde had – naar eigen zeggen – niets begrepen van de financiële contracten. Dat gaat er bij de rechter niet in: op de contracten staat duidelijk dat het gaat om leasen van aandelen. Ook had duidelijk moeten zijn dat het ging om een lening; er staat immers het woord “rente” in de contracten.

VSN is niettemin tekortgeschoten bij de advisering. Er is niet gesproken over het break-evenrendement (het percentage waarmee de aandelen minstens moeten stijgen om quite te spelen), evenmin is er ooit gesproken over de mogelijkheid van verlies. 

Omdat het VSN was die een keuze heeft gemaakt voor de beleggingsconstructies (en niet Dexia), is VSN verder gegaan dan het aanbrengen van klanten bij Dexia, hetgeen verboden was.

De rechter trekt de conclusie dat VSN onrechtmatig heeft gehandeld. Bovendien heeft VSN zich niet als een goed opdrachtnemer gedragen, wat ook onrechtmatig is. Daarom is VSN aansprakelijk voor de financiële schade die hierdoor is ontstaan.

Dexia aansprakelijk voor tussenpersoon VSN
Dexia is aansprakelijk voor het onrechtmatig handelen van de tussenpersoon VSN. Volgens de rechter zijn tussenpersonen voor Dexia belangrijk om een product in de markt te kunnen zetten. Verder wijst de rechter er op dat Dexia provisie betaalde aan haar tussenpersonen. Dexia heeft een grote verantwoordelijkheid bij de selectie van tussenpersonen via wie de bank nieuwe klanten ontvangt.

Dexia had ook zorgvuldiger moeten zijn bij het accepteren van de klant. De bank had geen informatie over diens financiële positie, beleggingservaring en –doelstellingen. Het had de bank ook duidelijk moeten zijn dat VSN zich schuldig had gemaakt aan verboden advisering. 

Slotsom is dat alle acht aandelenleasecontracten nietig zijn en dat Dexia aansprakelijk is voor de schade. De rechter verdeelt de schade als volgt. Bij de aflossingsproducten krijgt de gedupeerde de helft kwijtgescholden van restschuld die ontstond bij voortijdige beëindiging, en hij krijgt de helft van zijn inleg terug. Bij de restschuldproducten wordt ook de helft van de restschuld kwijtgescholden, maar hier krijgt de gedupeerde zijn volledige inleg terug. 

Rechtbank Almelo, 23 januari 2008, LJN:BC3709

Laat een reactie achter

Restricted HTML

  • Allowed HTML tags: <a href hreflang> <em> <strong> <cite> <blockquote cite> <code> <ul type> <ol start type> <li> <dl> <dt> <dd> <h2 id> <h3 id> <h4 id> <h5 id> <h6 id>
  • Lines and paragraphs break automatically.
  • Web page addresses and email addresses turn into links automatically.
Waarom lid worden van HelloLaw?
  • Krijg onbeperkt juridisch advies
  • Profiteer van de laagste prijzen
  • Krijg korting op advocaten
  • Bespaar geld
Word nu lid
Direct advies:
ma - do: 8.00 tot 20.00 uur
vrij: 8.00 tot 18.00 uur
za: 10.00 tot 18.00 uur