Grens aan verplichting verhuurder om tegen overlast huurders in wijk op te treden

De zaak
Sinds oktober 2006 verhuurde een woningcorporatie aan een gezin een  nieuwbouwwoning. De huurwoning werd bewoond door de vader, de moeder en hun twee minderjarige zoons. Voordat het gezin naar deze woning verhuisde, woonde het in Woerden, waar het gezin problemen had met buurtbewoners die het gedrag van hun zoons niet tolereerden. Onder druk van een door hun toenmalige verhuurder tegen hen aangespannen procedure, verliet het gezin de woning in Woerden.

Agressief gedrag
Vanaf begin 2007 heeft in de omgeving van het gehuurde een reeks gebeurtenissen plaatsgevonden, waarbij het gezin en de zoons op enigerlei wijze actief betrokken waren en waarbij derden overlast hebben ondervonden als gevolg van agressieve gedragingen, zoals bedreiging, intimidatie, belediging, mishandeling en vernieling.

Geen oplossing
De verhuurder heeft op deze gebeurtenissen onder meer gereageerd door het houden van gesprekken met de betrokken buurtbewoners en door de inschakeling van een casemanager. Ook de politie heeft naar aanleiding van meldingen van overlast of strafbare feiten herhaaldelijk assistentie verleend en ingegrepen. Tegen (en door) het gezin is bij de politie meermalen aangifte van strafbare feiten gedaan, maar een strafrechtelijke veroordeling van de ouders of hun zoons is (nog) niet gevolgd. Nadat er opnieuw incidenten hadden plaatsgevonden waar leden van het gezin bij betrokken waren, stapte de verhuurder naar de rechter en verzocht ontruiming van het gehuurde.

De rechter
In het kort geding ging het om de vraag of het waarschijnlijk is dat in de bodemprocedure zal worden geoordeeld dat het gezin zich, mede in het licht van de gedragingen van hun zoons, niet als goede huurders hebben gedragen en dat op die grond de huurovereenkomst zal worden ontbonden en het gezin tot ontruiming van het gehuurde zal worden veroordeeld. Bij de beantwoording van die vraag dient rekening te worden gehouden met alle omstandigheden van het geval.

Bewijs
De verhuurder heeft de eis tot ontruiming met name onderbouwd door een tweetal processen-verbaal van de politie te overleggen. Deze processen-verbaal maakten lang niet bij alle daarin beschreven voorvallen duidelijk welk aandeel de ouders en/of hun zoons daarbij precies hebben gehad. Ook waar in de processen-verbaal daaromtrent wel conclusies worden getrokken, bleek vaak niet waarop die zijn gebaseerd. In de bodemprocedure zullen daarom waarschijnlijk getuigen moeten worden gehoord. Voor getuigenbewijs biedt een kort geding, gericht op een spoedige beslissing, geen plaats.

Zorgplicht
De partijen twistten ook over de incidenten waarbij derden overlast hebben ondervonden. Het gaat hierbij voornamelijk om gedragingen waarvan anderen dan omwonenden, onder wie de politie, het slachtoffer zijn geworden. De rechter volgt het standpunt van de huurders dat het huurrecht in beginsel niet kan worden aangewend om daar tegen op te treden. Weliswaar ziet de verplichting om zich als een goed huurder te gedragen niet uitsluitend op de zorg voor het gehuurde maar ook op die voor de woonomgeving, doch die contractuele zorgverplichting kent wel zijn grens. Die grens moet daar worden getrokken, waar niet langer kan worden gesproken van een voldoende verband tussen de verweten gedragingen en het gebruik van het gehuurde. Ook het enkele feit dat inmiddels een groot aantal buurtbewoners schriftelijk bij de verhuurder heeft geklaagd over het gezin en hun zoons, rechtvaardigt niet dat op een uitspraak in de bodemprocedure wordt geanticipeerd. Tegenover deze klachtbrief hebben de huurders zich op de door hen overgelegde adhesiebetuigingen beroepen. Voor een onderzoek naar de validiteit daarvan bood het kort geding geen ruimte.

Conclusie
De kantonrechter liep niet vooruit op de reeds aanhangige bodemprocedure, waarin de verhuurder ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming vordert en waarin naar verwachting getuigen zullen moeten worden gehoord. De rechter wees de eis van de verhuurder daarom af.

Rechtbank Utrecht, sector kanton, 7 juli 2008, LJN:BD6482

Laat een reactie achter

Restricted HTML

  • Allowed HTML tags: <a href hreflang> <em> <strong> <cite> <blockquote cite> <code> <ul type> <ol start type> <li> <dl> <dt> <dd> <h2 id> <h3 id> <h4 id> <h5 id> <h6 id>
  • Lines and paragraphs break automatically.
  • Web page addresses and email addresses turn into links automatically.

Reacties (1)

deboer
Fri, 12/25/2015 - 16:13

de rechter zou eens meer notie moeten nemen van een hetze opzetten tegen bewoners, toen ik hier kwam wonen was alles rustig schoon en netjes ook sociaal. De voornamelijk ouderen gingen echter naar een bejaardentehuis en de families die er kwamen wonen veroozaaktee al overlast waar je niets over mocht zeggen want ze hadden kinderen, dat was voldoende reden. Toen die groter werden was er een straat vol aan kinderen die allemaal voor de portieken zaten, bij overlast op het grasveld, degene die er wat over zei werd weggepest, het ene na het andere gezin vertrok hier, ze werden gewoon uitgejouwd door een stoet kinderen, en daarna kwam ik aan de beurt. Als er recht bestaat dan krijg ik een enorme schade vergoeding aan fysiek en emotionele schade. Als het aan mij ligt klaag ik de staat aan maar er is geen dappere advokaat in nederland, iedereen is hier slap, daarom gebeuren dit soort dingen, het slachtoffer wordt in nederland dubbel geslachtofferd. Het liefst ga ik emigreren.

Waarom lid worden van HelloLaw?
  • Krijg onbeperkt juridisch advies
  • Profiteer van de laagste prijzen
  • Krijg korting op advocaten
  • Bespaar geld
Word nu lid
Direct advies:
ma - do: 8.00 tot 20.00 uur
vrij: 8.00 tot 18.00 uur
za: 10.00 tot 18.00 uur